Navigatie
U bent hier : Praktisch  >  Subsidies  >  Oproep Gedeeld Ouderschap


1. Situering

De Vlaamse overheid streeft naar een evenwichtige participatie van mannen en vrouwen aan verschillende domeinen van de samenleving. Gender als maatschappelijk ordeningsprincipe heeft impact op de positie van mannen en vrouwen, zowel op de arbeidsmarkt als binnen het gezin. Vrouwen nemen algemeen meer (onbetaalde) zorgtaken op, waardoor ze vaker terugvallen op deeltijdse loopbanen. De associatie van vrouwelijkheid met zorg vertaalt zich in de oververtegenwoordiging van meisjes in zorg- en welzijnsopleidingen en van vrouwen in zorgberoepen en het onderwijs. Tegelijkertijd heeft dit genderpatroon ook invloed op de rol van moeders en vaders in de opvoeding en het gezin.

In opvoedingsondersteuning, hulpverlening, onderwijs, werk… wordt de moeder doorgaans als primaire opvoedster beschouwd. Nochtans is evenwaardig ouderschap en vaderbetrokkenheid van fundamenteel belang voor het  psychosociaal welzijn van het kind. Vaderbetrokkenheid vertaalt zich in aanwezigheid, het opnemen van zorgtaken, kwalitatieve interacties met kinderen en partnerschap met de moeder. Vaders en moeders zijn niet gelijk maar gelijkwaardig. Vaders hebben voor de geboorte geen fysieke band met het kind en ontwikkelen een andere relatie, afhankelijk van de gezinssituatie, de eigen opvoeding en de culturele context.

Gedeeld ouderschap zorgt voor een win-win situatie voor het hele gezin: vaders, moeders en kinderen. Ouders kunnen in overleg beslissen over de verdeling van zorgtaken en de verantwoordelijkheid voor een gezinsinkomen. Als vaders bv. kunnen kiezen om minder te werken, krijgen moeders meer loopbaankansen met positieve effecten op de loonkloof en de pensioenkloof. Uit onderzoek blijkt dat betrokken vaders een preventieve bijdrage hebben in het voorkomen van kinderarmoede, familiaal geweld, ongewenste zwangerschap en jeugdcriminaliteit. 

De projectoproep  “Gedeeld en betrokken ouderschap” betreft zowel vaders als moeders, als alle actoren op het vlak van opvoedingsondersteuning, hulpverlening, onderwijs, werk, media… die gedeeld ouderschap kunnen stimuleren en ondersteunen. Bijzondere aandacht gaat naar ouders binnen een kwetsbare gezinssituatie zoals armoede, migratieachtergrond, alleenstaande ouders, gescheiden ouders….  

Deze oproep kadert binnen de doelstelling van het Vlaams beleidsplan Gelijke kansen Integratie en Inburgering, 2021: “We werken de maatschappelijke drempels weg die individuen weerhouden van volwaardige participatie” en binnen de doelstelling van het Vlaams Actieplan Armoedebestrijding, 2020-2024: “Ondersteuning vaderschap en promotie vaderwerkingen bij kwetsbare gezinnen”.

 

2. Doelstelling

Het hoofddoel van de projectoproep “gedeeld en betrokken ouderschap” is de waardering van vaderschap en moederschap in de samenleving en van het gedeeld ouderschap in de opvoeding. Bijzondere aandacht gaat naar kwetsbare gezinnen. 

Vanuit de beleidsdoelstelling Gelijke Kansen focussen we op evenwaardig ouderschap. Projecten met volgende doelstellingen komen in aanmerking: 

  • Sensibiliseren over (geïnternaliseerde) genderrollen over vaderschap en moederschap
  • Vaders ondersteunen in hun wens om een meer actieve en berokken ouderrol op te nemen.
    • Vader-kind binding en vaderbetrokkenheid stimuleren van voor de geboorte (bij de moeder gebeurt dit fysiek) zowel door opvoedingsinstanties als tussen partners zelf
    • Groepswerkingen voor toekomstige papa’s, kersverse papa’s, papa’s van tieners…. ondersteunen omdat vaders geen “natuurlijke” netwerken hebben om over hun vader-zijn te reflecteren en uit te wisselen 
    • Informeren over alle aspecten van ouderschap : o.a.  recht op ouderschapsverlof, sensibiliseren over de meerwaarde van betrokken vaderschap (naast carrière…)… 
    • Positieve rolmodellen in de kijker zetten, vaders en moeders erkennen en waarderen in hun rol en bijdrage aan de opvoeding
  • Drempels voor gedeeld en betrokken ouderschap detecteren en verlagen 
    • Stereotiepe rolpatronen doorbreken door het realiseren van een beter genderevenwicht in de zorgsector, in het onderwijs en specifiek in opvoedingsinstanties waarmee vaders in contact komen. 
    • Aandacht creëren voor vadervriendelijke hulpverlening in  opvoedingsinstanties, scholen, …
  • Dialoog tussen partners stimuleren voor gelijkwaardig ouderschap. Dit kan in samenwerking met het middenveld (vrouwen/mannenverenigingen), Kind en Gezin, opvoedingsondersteuning… 
    • Sensibiliseren over (geïnternaliseerde) genderrollen
    • Dialoog aanmoedigen over de gezinsorganisatie met betrekking tot combinatie arbeid en gezin, opnemen van zorgtaken, verantwoordelijkheden, enz…

Vanuit de beleidsdoelstelling van het Vlaams Actieplan Armoedebestrijding  leggen we de focus op kwetsbare (gezins)contexten. Hierbij gaat bijzonder aandacht naar projecten die oog hebben voor werken in groep, vader-kind activiteiten faciliteren, intercultureel werken, oog hebben voor de kennisverruiming van het voltallig team, ouders erkennen en versterken in hun rol, vaderparticipatie integreren enz…  

Werken met mensen in een kwetsbare situatie vergt een intensieve en duurzame aanpak. Een succesvolle werking rond gedeeld ouderschap is niet enkel de activiteit met vader en kind of een groepswerking, maar start bij de overtuiging van iedere medewerker dat ook vaders zich thuis horen te voelen in hun organisatie. De praktijk heeft aangetoond dat het niet altijd eenvoudig is om iedereen mee te krijgen in een nieuw en vadervriendelijk verhaal. 

Drie categorieën van projecten komen in aanmerking: 

  1. Projecten die de doelgroep zelf emanciperen en empoweren, al dan niet gekoppeld aan instellingen zoals scholen of inloopcentra. 
  2. Projecten van intermediaire organisaties binnen de domeinen Welzijn, Volksgezondheid en gezin, Onderwijs, Werk, Integratie en Gelijke Kansen die gedeeld en betrokken ouderschap en een gepaste ondersteuning van vaders integreren in hun werking, zoals organisaties voor opvoedings- en gezinsondersteuning, (lokale) kinderopvanginitiatieven, gynaecologen, huisartsen, ouderverenigingen, werkgevers, …
  3. Projecten gericht op het doorbreken van genderstereotypen en het bevorderen van een maatschappelijke transitie van gendernormen over vaderschap en moederschap. Deze kunnen uitgaan van (sociale) media-initiatieven, onderzoeksinstellingen, culturele activiteiten die vaderschap positief in beeld brengen… maar evengoed van mannen/vaderverenigingen en vrouwen/moederverenigingen. 

Met deze oproep wil de Minister van Gelijke Kansen bestaande goede praktijken waarderen, verduurzamen en beter bekend maken. Er is nog veel ruimte voor innovatieve projecten en er is nood aan uitwisseling van expertise en aandacht voor ervaringsdeskundigheid en participatie. De grootste uitdaging ligt wellicht in het creëren van gelijke kansen voor vaders en moeders voor de invulling van hun ouderschap. Met deze brede focus  wil de Minister van Gelijke Kansen ruimte geven aan een diversiteit van projecten, rekening houdende met de diversiteit van vaders en van opvoedings- en gezinssituaties.   

 

3. Wie kan een project indienen?

Indieners kunnen verenigingen, lokale besturen, sectororganisaties en bedrijven zijn.

 

4. Aan welke criteria wordt een project getoetst?

Of een subsidie wordt verleend en de grootte van het toegekende bedrag zijn afhankelijk van de beschikbare middelen en van de kwaliteit van de aanvraag. Dit wordt bekeken in verhouding tot alle aanvragen die in deze oproep worden ingediend.
Er moet aan een beperkt aantal andere ontvankelijkheidscriteria worden voldaan. Een project dat hier niet aan voldoet, komt niet in aanmerking voor een subsidie. Andere elementen zijn eerder richtinggevend en vergroten de kans op een positieve beoordeling van het project.

 

4.1    Ontvankelijkheid

  • Het projectvoorstel wordt uiterlijk op 30 november 2021, 12:00u, ingediend via het aanvraagformulier (beschikbaar op de website) en doorgestuurd via mail naar gelijkekansen@vlaanderen.be.
  • Het gaat om een project met een maximale duurtijd van 2 jaar en met als startdatum ten vroegste 1 januari 2022.
  • De aanvraag is in het Nederlands opgesteld.
  • De aanvrager is gevestigd in het Nederlandse taalgebied of in het tweetalige gebied Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
  • Het aanvraagdossier is volledig ingevuld en correct ingediend.

 

4.2    Elementen die kunnen bijdragen tot een positieve beoordeling

De beoordeling zal rekening houden met:

  • Operationalisering
    De mate waarin - en wijze waarop- het project bijdraagt tot de operationalisering van de gelijke kansendoelstelling rond het realiseren van evenwichtige participatie van mannen en vrouwen aan verschillende domeinen van de samenleving, en van de armoededoelstelling voor de  ondersteuning van vaderschap en promotie vaderwerkingen bij kwetsbare gezinnen
  • Innovatie en vernieuwing 
    Het innovatieve karakter van het project (op het vlak van aanpak, inhoud en/of vorm). Bij projecten die worden opgezet ter versterking van het beleid in een ander beleidsdomein, betreft het initiatieven die daar nog niet eerder gerealiseerd werden.  
  • Degelijke uitwerking van het project
    Mate waarin het projectvoorstel, in al zijn facetten, doordacht en onderbouwd is uitgewerkt met duidelijk geformuleerde resultaten en een goed uitgewerkte gefaseerde planning binnen een haalbare tijd. Met bijzondere aandacht voor:
    • Impactgericht werken
      Wat is de meerwaarde t.o.v. huidige situatie? Is er voldoende motivatie waarom de aanpak of het aanbod hieraan tegemoet zal komen? Hoe zal gemonitord en geëvalueerd worden of de beoogde impact effecten heeft? 
    • Inzetten op participatie
      Wordt er ingezet op participatie van vaders? Hoe worden moeders betrokken (aandacht voor de emancipatorische invalshoek)? Worden ouders erkend in hun deskundigheid? Krijgen zij verantwoordelijkheid/partnerschap in het (ontwikkelen van het) aanbod of de ondersteuning?
    • Laagdrempelig(e) aanbod of toegang  
      Hoe vindt de aanvrager aansluiting bij welzijnsinitiatieven waar gezinnen komen (Huizen van het Kind, kinder- en buitenschoolse opvang, scholen, ontmoeting, vrije tijdsbesteding…)? Op welke manier zet de aanvrager in op laagdrempelig(e) aanbod of toegang?  Hoe is er specifieke aandacht voor vaders binnen kwetsbare (gezins)contexten?
    • Deskundigheid, ervaring, intercultureel werken
      Vanuit welke (ervarings)deskundigheid wordt er gewerkt? Hoe bereikt de aanvrager vandaag al ouders? Is de aanvrager (lokaal of bovenlokaal) ingebed in een netwerk? Is er oog voor kennisverruiming van het voltallige team?  Is er oog voor en kennis van het culturele perspectief?
  • Verankering
    Het project verduidelijkt welke initiatieven er worden genomen om het resultaat duurzaam te verankeren, hoe kennis intern en extern wordt gedeeld, hoe de resultaten overdraagbaar en bruikbaar worden gemaakt naar andere organisaties, instanties of lokale besturen. En wat de randvoorwaarden zijn om het project naderhand te kunnen opnemen in regulier beleid.

 

5. Procedure

Het projectvoorstel wordt ten laatste op 30 november 2021, 12:00 via e-mail bezorgd aan gelijkekansen@vlaanderen.be
De datum van het e-mailbericht geldt als indiendatum. Download het aanvraagformulier >

De administratie brengt de aanvrager op de hoogte van de beslissing van de ministers en (eventueel) van de toegekende subsidie.

De goedgekeurde projecten kunnen ten vroegste starten op 1 januari 2022 en hebben een duurtijd van maximaal 2 jaar. 

 

6. Beschikbaar budget

Voor deze projectoproep wordt een totaal budget voorzien van 500.000 euro. 
Bij een positieve beslissing van de minister wordt een eerste schijf van 80% van het toegekende subsidiebedrag ter beschikking gesteld. Het saldo (van maximaal 20%) wordt uitbetaald nadat de administratie heeft vastgesteld dat de voorwaarden waaronder de subsidie werd toegekend, nageleefd werden en dat de subsidie werd aangewend voor de doeleinden waarvoor deze werd verleend. Dat moet blijken uit het inhoudelijk en financieel verslag, dat na afloop van het project aan ABB wordt bezorgd.

Let op: alleen kosten die gemaakt zijn na de toekenning van de subsidie en voor het einde van het project komen in aanmerking. Als de netto kosten (dat zijn de aangetoonde kosten verminderd met de eventuele inkomsten die voortvloeien uit de realisatie van het project) minder bedragen dan de ontvangen subsidie, dan wordt het verschil teruggevorderd.

6.1 Duiding bij de subsidieerbare kosten

Het onderdeel ‘financieel luik’ van het aanvraagformulier dient een duidelijke gedetailleerde en verantwoorde begrotingsraming te bevatten van alle inkomsten en uitgaven die betrekking hebben op de realisatie van het ingediende project. Hierna vindt u meer informatie over welke kosten subsidieerbaar zijn. Dubbele subsidiëring is uitgesloten.

A.    Loonkosten:

  • Brutosalarissen of -lonen met inbegrip van alle wettelijk verplichte werknemers- en werkgeversbijdragen worden als subsidiabele personeelskosten aanvaard;
  • Enkel de personeelskosten van rechtstreeks betrokken personeelsleden, in verhouding tot de aan het project of de gesubsidieerde activiteiten bestede tijd, komen in aanmerking.

B.    Werkingskosten:

  • Werkingskosten worden enkel aanvaard als ze exclusief betrekking hebben op de uitvoering van het project of de gesubsidieerde activiteiten en voor zover ze ook verifieerbaar zijn;
  • Kosten voor vrijwillige medewerkers (zoals vrijwilligersvergoeding) vallen onder werkingskosten;
  • Aankopen van afschrijfbaar materiaal, gedaan in het kader van het project kunnen ingebracht worden, ter grootte van de afschrijvingskosten. De afschrijvingswaarde moet dan in verhouding staan tot de looptijd van het project. Er wordt enkel met lineaire afschrijvingen rekening gehouden: een vast percentage toegepast op de aanschaffingswaarde van het materiaal.  Bijvoorbeeld: bij de aankoop van een computer die op 3 jaar wordt afgeschreven, kan maximaal 1/3e van de aankoopwaarde worden ingebracht wanneer het project 1 jaar duurt en de computer in dat jaar volledig voor het project gebruikt wordt.
  • Huur en/of leasing die aan derden moet worden betaald voor het gebruik van lokalen, apparatuur, infrastructuur, …

6.2 Duiding bij niet-subsidieerbare kosten

  • Werkingskosten of loonkosten waarvan de link met de inhoud van het project of de gesubsidieerde activiteit niet aantoonbaar is;
  • Vaste kosten zonder duidelijk verband met het project;
  • Interne huuraanrekening (verhuur aan zichzelf – als eigenaar – voor het gebruik van lokalen of andere infrastructuur);
  • Afschrijvingskosten voor het gebruik van bestaande infrastructuur;
  • Investeringen voor fysieke infrastructuurwerken komen niet in aanmerking voor subsidiëring.

 

Aanvraagformulier en meer informatie

Het projectvoorstel wordt ten laatste op 30 november 2021, 12:00 via e-mail bezorgd aan gelijkekansen@vlaanderen.be
De datum van het e-mailbericht geldt als indiendatum. Download het aanvraagformulier >

De tekst van de projectoproep downloaden >

Voor meer informatie kan u contact opnemen met:

Lees meer :